Zesenzestig procent van de Belgische horecawerknemers zegt minstens één keer per jaar het slachtoffer te zijn van ongepast gedrag op het werk.
Ja, je leest het goed: 66%!
Dat blijkt uit een bevraging van de liberale vakbond CGSLB bij meer dan 250 medewerkers uit de sector. In meer dan de helft van de gevallen komt dat gedrag van een leidinggevende. Verbaal en psychologisch geweld komt het vaakst voor, maar ook fysieke en seksuele feiten worden gemeld. Zeven op tien respondenten zeggen bovendien getuige te zijn geweest van gelijkaardige situaties bij collega’s.
De cijfers krijgen een gezicht in getuigenissen die de Franstalige openbare omroep RTBF verzamelde. Safia liep vorig jaar stage in een Brussels restaurant en zegt dat haar chef haar seksueel lastigviel. Wat begon met opmerkingen over haar uiterlijk, groeide uit tot vernederingen in het bijzijn van collega’s en herhaalde confrontaties in de koelcel. “Ik herinner me vooral dat ik huilde en almaar ‘sorry, sorry’ bleef zeggen,” vertelt ze. De ervaring kostte haar twee maanden lang levensvreugde; ze kreeg een antidepressivum voorgeschreven en overweegt nu een opleiding communicatie in plaats van terug te keren naar de keuken.
Élise, intussen chef de salle in een restaurant in Namen, beschrijft een vergelijkbaar klimaat bij een vorige werkgever: constant te horen krijgen dat ze niets goed deed en incompetent was. “Ik ging huilend werken en kwam huilend thuis,” zegt ze. Thomas, vandaag commis in een bistronomisch restaurant in Herve, liep tien jaar geleden op zijn tweede werkdag een wonde van vijf centimeter op toen een chef een pizzabord kapotsloeg op zijn hoofd omdat hij een bord niet snel genoeg klaarmaakte. Hij noemt de hiërarchische cultuur in de keuken de reden waarom hij dat toen als normaal beschouwde. Vandaag zegt hij zelf geen vernederingen meer te tolereren.
Emmanuel Didion, ondervoorzitter van de Fédération Horeca Wallonie, nuanceert de cijfers. Volgens hem ontbreekt vandaag objectieve data om de omvang van het probleem echt in te schatten, al noemt hij de resultaten wel verontrustend. Hij wijst op de hoge operationele druk en de atypische uren in de sector als verklarende factoren.
Sommige hotelscholen grijpen intussen in. Sandrine Cuzon, stagecoördinator aan de hotelschool van de provincie Namen, zegt dat de school werkt met lijsten van stagebedrijven en dat instellingen daar tijdelijk of definitief van geschrapt worden op basis van strikte criteria. Toch duiken problematische situaties nog op, ook bij gereputeerde zaken: in een stageverslag beschrijft een studente hoe ze in een sterrenrestaurant seksuele vragen en een hand op haar heup kreeg.
Chef Paul Knott van restaurant Les Fines Gueules zegt zelf te proberen stress bij zijn team tijdig te detecteren en te sturen, desnoods door een medewerker even buiten te laten bekomen. “Je toont beter direct hoe iets moet, dan dat je iemand vernedert,” zegt hij. Volgens hem is de mentaliteit sinds de coronaperiode veranderd: medewerkers willen nog altijd goed werk leveren, maar hechten evenveel belang aan welzijn op het werk.
Op sectorniveau circuleren voorstellen zoals strengere verplichtingen rond welzijn op het werk, een grotere rol voor externe preventiediensten en betere opleiding van stagebegeleiders. Didion pleit voor een referentiesysteem voor stagebedrijven, waarbij voorrang gaat naar ondernemingen die gecertificeerd zijn en waar stagebegeleiders een gerichte opleiding volgden.
